In het kort: Laadinfrastructuur bij kantoorpanden omvat laadpalen, bekabeling, meterkastaanpassingen en beheersoftware waarmee medewerkers en bezoekers een elektrische auto kunnen opladen. Hoeveel laadpunten een pand aankan, hangt vooral af van de beschikbare netaansluiting en het gebruik van load balancing. Sinds 29 mei 2026 gelden de EPBD IV-regels, die het eerdere Bouwbesluit-kader hebben vervangen; voor kantoorgebouwen geldt daarbij bij ingrijpende renovatie een verplichting van minimaal 1 laadpunt per 2 parkeerplaatsen. Laadpunten zijn niet alleen een servicevoorziening voor medewerkers, maar kunnen via laadmarges ook inkomsten opleveren, waarbij goed beheer in de praktijk vaak bepalender is voor de gebruikerstevredenheid dan het aantal laadpunten zelf.

Wat is laadinfrastructuur voor een kantoorpand?

Laadinfrastructuur voor een kantoorpand is de gehele keten van laadpalen, kabelinfrastructuur, aanpassingen aan de meterkast en beheersoftware waarmee medewerkers en bezoekers hun elektrische auto op de parkeerplaats van het kantoor kunnen opladen. Het gaat dus verder dan alleen de laadpaal zelf: ook de aansluiting op het elektriciteitsnet, de verdeling van vermogen en het dagelijkse beheer maken er onderdeel van uit.

Het aantal volledig elektrische personenauto's in Nederland groeide de afgelopen jaren sterk: eind 2024 was 6% van het Nederlandse personenautopark volledig elektrisch (bron: RVO, Cijfers elektrisch vervoer in Nederland, 2025). Voor kantoorpanden betekent dit een structureel groeiende vraag naar laadmogelijkheden op de werkplek, niet langer een uitzondering maar een verwachting van huurders en medewerkers.

Waarom is laadinfrastructuur belangrijk voor kantoorpanden?

Kantoorpanden zonder laadmogelijkheden lopen het risico minder aantrekkelijk te worden voor huurders, vooral in de categorie A- en B-kantoren waar duurzaamheid een steeds zwaarder wegende factor is bij de keuze van huisvesting. Laadinfrastructuur is daarmee niet alleen een faciliteit, maar ook een concurrentiefactor in de verhuurbaarheid van vastgoed.

Daarnaast speelt regelgeving een steeds grotere rol: bestaande en nieuwe kantoorpanden krijgen te maken met verplichtingen rond het voorbereiden of realiseren van laadinfrastructuur, zoals verderop in dit artikel wordt toegelicht.

Hoe pakt u de realisatie van laadinfrastructuur aan?

Het realiseren van laadinfrastructuur bij een kantoorpand verloopt doorgaans in zes stappen, van locatiebeoordeling tot doorlopend beheer.

  1. Locatiebeoordeling. Analyse van de parkeerplaats, de bestaande elektrische aansluiting en het verwachte laadgedrag van medewerkers en bezoekers.
  2. Ontwerp en advies. Bepalen van het aantal laadpunten, het type laadpaal (AC of DC) en de technische inrichting, inclusief eventuele load balancing.
  3. Voorbereiding installatie. Grondwerk, kabelgoten en, indien nodig, aanpassing van de meterkast of hoofdaansluiting.
  4. Installatie. Plaatsing van de laadpalen door gecertificeerde installateurs, conform de geldende veiligheidsnormen.
  5. Configuratie en testen. Aansluiting op het laadplatform, tarief- en toegangsinstellingen en functietests per laadpunt.
  6. Oplevering en beheer. Overdracht aan de beheerder, inregelen van monitoring en het opzetten van een storingsdienst.

Welke technische keuzes bepalen het aantal laadpunten?

De belangrijkste technische factor is de beschikbare netaansluiting. Met load balancing kan een pand meestal meer laadpunten aansluiten dan het piekvermogen op papier zou suggereren, omdat lang niet alle auto's tegelijk laden.

Load balancing verdeelt het beschikbare vermogen dynamisch over de aangesloten laadpunten. Auto's laden hierdoor iets langzamer, maar voor medewerkers die een groot deel van de dag op kantoor zijn is dat doorgaans ruim voldoende om de accu bij te vullen voor de rit naar huis. De onderstaande tabel geeft een eigen praktijkindicatie op basis van onze installatie-ervaring, geen genormeerde waarde; de exacte capaciteit hangt af van de gelijktijdigheid van laadsessies en wordt door de installateur doorgerekend.

NetaansluitingIndicatief vermogenRichtaantal laadpunten met load balancingAandachtspunt
1x35A of 3x25ABeperktEnkele laadpuntenVaak geschikt voor kleine kantoorpanden of proefopstelling
3x80AMiddelgrootRuim voldoende voor een gemiddeld kantoorpandMeest voorkomende aansluiting bij bestaande kantoren
3x160A of hogerGrootFors uitbreidbaarVaak nodig bij grotere kantorencomplexen of gemengd gebruik

Naast het type aansluiting speelt ook de keuze tussen AC- en DC-laden een rol, zeker als bezoekers snel moeten kunnen laden. Meer hierover leest u in ons artikel AC vs DC laden: wat is het verschil en wat past bij jouw situatie? Houd bij de planning ook rekening met lokale netcongestie: in delen van Nederland kan de wachttijd voor een verzwaring van de aansluiting oplopen. Achtergrond hierover, inclusief het ACM-kader dat per 2026 verandert, vindt u in ons artikel over netcongestie in Nederland.

Wat kost laadinfrastructuur en wat levert het op?

De kosten van laadinfrastructuur bestaan uit hardware, installatie, eventuele netverzwaring en doorlopend beheer; de opbrengsten komen uit laadmarges. Bij volledig beheer, zoals wij dat hanteren, koopt u de laadinfrastructuur zelf op offertebasis en nemen wij het dagelijkse beheer uit handen: activatie, facturatie van laadsessies en storingsafhandeling. U ontvangt maandelijks de laadopbrengsten van uw eigen laadpunten.

De precieze opbrengst van een laadpaal hangt sterk af van het laadvolume, de gekozen tarieven en het type gebruikers (medewerkers, bezoekers of derden). In de praktijk laten kantoorpanden met een actief bezettingspatroon (structureel gebruik door medewerkers in plaats van incidentele bezoekers) doorgaans een stabieler en voorspelbaarder laadpatroon zien dan panden met veel losse bezoekers. Die voorspelbaarheid maakt het voor vastgoedeigenaren makkelijker om vooraf een realistische inschatting van de opbrengsten te maken. Een volledig overzicht van de opbouw van kosten en opbrengsten vindt u in ons artikel Wat levert een laadpaal op? Een compleet overzicht, en meer over de vergoeding per kilowattuur in ERE-certificaten uitgelegd.

Welke wet- en regelgeving is relevant voor kantoorpanden?

Sinds 29 mei 2026 gelden de EPBD IV-regels voor laadinfrastructuur bij gebouwen; deze hebben het eerdere Bouwbesluit-kader vervangen. Voor kantoorgebouwen geldt onder EPBD IV bij ingrijpende renovatie een verplichting van minimaal 1 laadpunt per 2 parkeerplaatsen, in plaats van de generieke 1-op-5-bekabelingsregel uit het eerdere kader.

Onder het eerdere Bouwbesluit-kader (Staatsblad 2020-84) gold sinds 1 januari 2025 voor bestaande niet-woongebouwen met meer dan 20 parkeerplaatsen een verplichting tot minimaal 1 laadpunt. Dit kader is per 29 mei 2026 vervangen door de hierboven genoemde EPBD IV-regels.

Achtergrond over de Europese en Nederlandse regelgeving leest u in ons artikel RED III en de Brandstoftransitieverplichting: wat verandert er? Ook voor VvE's gelden inmiddels vergelijkbare kaders; zie Laadinfrastructuur en de VvE: wat de Outlook Mobiliteit betekent voor uw parkeergarage.

Hoe verloopt beheer en onderhoud in de praktijk?

Goed beheer bestaat uit remote monitoring, software-updates, een storingsdienst en preventief onderhoud, zodat laadpunten structureel beschikbaar blijven voor gebruikers. Via een dashboard heeft de vastgoedeigenaar inzicht in het gebruik, de opbrengsten en de status van de laadpunten.

In de praktijk blijkt dat storingen die op afstand worden opgemerkt en verholpen vrijwel altijd sneller en met minder overlast worden afgehandeld dan storingen die pas gemeld worden nadat een gebruiker vastloopt. Een bekend patroon is dan ook dat proactieve monitoring, meer dan het aantal laadpunten, bepalend is voor de tevredenheid van medewerkers en bezoekers. Mocht een fysiek bezoek toch nodig zijn, dan is een snelle reactietijd essentieel om de laadpunten weer beschikbaar te maken.

Hoe helpt e-Charging vastgoedeigenaren bij dit traject?

Wij ondersteunen vastgoedeigenaren van de eerste locatiescan tot het dagelijkse beheer, zodat de eigenaar zelf geen operationele last heeft van de laadinfrastructuur. Onze aanpak bestaat uit:

  • Een locatiescan en advies op maat
  • Installatie door gecertificeerde installatiepartners
  • Monitoring en beheer, inclusief storingsafhandeling
  • Maandelijkse uitbetaling van uw laadopbrengsten, transparant inzichtelijk via een dashboard
  • Bemiddeling voor ERE-certificaten via een partner die de aanvraag regelt, bij keuze voor MID-gecertificeerde laadpalen

Overweegt u laadinfrastructuur voor uw kantoorpand? Plan een locatiescan en ontvang een voorstel op maat.

Plan een locatiescan